Een theorie van vrije tijd

Mijn leven heeft altijd hevig geschommeld tussen periodes van nul vrije tijd en alleen maar vrije tijd.

Op de middelbare school ben je zó druk, dat je nauwelijks vrije tijd overhoudt. Maar dan komt de vakantie, en ineens valt alles weg en kom je erachter dat er verdraaid veel vrije uren in zo’n dag zitten. Op de universiteit ging dit precies hetzelfde, en toen ik daarna langzaamaan opdrachten kreeg was het niet anders: tijdens de opdracht werk je wekenlang aan één stuk door, en daarna heb je ineens drie maanden niks te doen.

En in beide gevallen krijg je niks gedaan.

In het eerste geval heb je gewoon te weinig tijd om iets substantieels te doen. Ja, als je goed zoekt kan je over de dag heen wel wat vrije tijd bij elkaar rapen — vijf minuten hier, een halfuurtje daar — maar dat is veel te verspreid. Je moet langer de tijd hebben om in de flow te komen, om écht even met iets bezig te zijn wat je leuk vindt om te doen.

Maar in het tweede geval gebeurt ook iets interessants. Je hebt zoveel vrije tijd … dat je uiteindelijk niks doet. Er is geen druk. Er is geen motivatie om nu iets te doen, want je hebt toch nog de hele dag, de hele week, of misschien de hele zomervakantie. Waarom vandaag hard werken aan dat boek dat ik altijd wilde schrijven, als ik ook vandaag lekker spelletjes kan spelen en mórgen dat boek kan schrijven?

Ik stoei al jaren met dit probleem, maar ik denk dat ik dus eindelijk de oplossing heb gevonden:

Genoeg vrije tijd, maar ook genoeg verplichtingen.

Je hebt genoeg tijd om iets te bereiken. Maar omdat je weet dat je volgende week weer druk gaat zijn met iets anders, moet je nu wel je vrije tijd optimaal benutten. Minder tijd zorgt juist voor meer tijd.

Dit is niet alleen gebaseerd op bovenstaande redenatie, nee nee, dit is het resultaat van gedegen onderzoek! En dat ga ik in de rest van dit artikel uitleggen.

Mijn schoolverleden

Ik vul doorgaans mijn vrije tijd met creatieve projecten. Ik wil graag mooie dingen maken, zoals boeken schrijven, muziek opnemen, spellen ontwerpen, en nog meer. Onlangs keek ik terug over mijn hele geschiedenis aan projecten — wat zo’n vijftien jaar aan bestanden op computers beslaat — en merkte een patroon.

Toen ik nog naar school ging (middelbare of universiteit), bereikte ik in de vakanties nooit iets. Ik heb letterlijk niet één (noemenswaardig) project afgemaakt in een vakantie. Terwijl ik toen bakken met vrije tijd had, genoeg om wel tien projecten te maken.

Maar het is ook niet alsof ik tijdens de schoolperiode veel bereikte. Er zijn hele lange periodes waarin ik nauwelijks voortgang boekte, maar het interessante is wanneer deze periodes waren.

Je denkt misschien: aan het begin van het jaar is school nog rustig, en heb je nog energie, dus dan kan je nog projecten maken! Maar nee, begin van het schooljaar bereikte ik niks. Ook aan het einde, als school al begon af te bouwen, produceerde ik weinig.

Het tussenstuk, zo ongeveer van november tot februari, daarin was ik productief.

En mijn theorie is dus dat ik tegen die tijd altijd de volgende gewoontes had gekregen:

  • Ik ben weer gewend aan school, mijn klas, de druk die er ligt, etc.
  • Ik heb weer geleerd hoe waardevol mijn vrije tijd is.
  • Ik heb geen enkele uitweg: ik heb een halfjaar school gehad, maar ook nog een half jaar te gaan. Ik kan niks uitstellen.

En dat maakt dat je vrije tijd zo nuttig mogelijk invult. Natuurlijk, soms betekende dat alsnog spelletjes spelen of de hele dag een serie kijken, maar dat was wat ik nodig had op dat moment om weer energie te krijgen voor dat project dat ik de dag erna ging doen.

Mijn studieverleden

Het wordt nóg interessanter, als ik kijk naar de periode na het “pauzeren” van mijn studie. Twee jaar geleden zat ik er helemaal doorheen en kon de studie niet meer afmaken. Ik heb me toen wel ingeschreven, maar dat hele jaar lang maar aan één ding gewerkt: mijn scriptie. Het jaar daarna heb ik me niet meer ingeschreven en helemaal de tijd voor mezelf genomen.

Wat denk je? Dat eerste jaar was ik BELACHELIJK productief. Ik was nog gewend aan mijn studietijd, en ik had nog de druk van mijn scriptie, dus ik schatte mijn vrije tijd waardevol in. Ik schreef een boek, acht korte verhalen, twee musicals, mijn eerste instrumentale album, gaf een prentenboek in eigen beheer uit, en nog veel meer. Eindelijk had ik de vrije tijd die ik wenste, maar ik wist hoe zeldzaam dat was, dus ik maakte er het meeste van.

Het jaar daarna … was minder voorspoedig. Natuurlijk had ik nog steeds verplichtingen, zoals mijn vele afspraken met hulpverleners om aan mijn gezondheid te werken, maar er bleef alsnog veel vrije tijd over. Mijn werktempo zakte steeds verder omlaag. Waarom vandaag acht uur werken, als ik ook vier uur kan werken, en de rest kan besteden aan andere dingen? Soms waren die andere dingen heel nuttig (sporten, ideeën bedenken, verder nadenken over het project terwijl ik een beetje improviseerde achter de piano), maar regelmatig zat ik ook weer uren te verdoen aan een voetbalspel.

Mijn revalidatie

Tot deze zomervakantie.

(Ik weet het, mijn leven is heftig en vliegt alle kanten op :p Nee, de laatste jaren zijn er gewoon veel compleet verschillende periodes geweest.)

Mijn lange zorgtraject kwam uit bij revalidatie. Ik zou zo’n drie maanden elke week heel wat tijd kwijt zijn met oefeningen, gesprekken, naar het revalidatiecentrum komen en nog meer revalideren.

Ik zag er heel erg tegenop. Ah nee, dacht ik, raak ik wéér veel vrije tijd kwijt en gaan mijn projecten stilstaan!

Wat denk je? De weken voordat ik begon aan de revalidatie, waren superproductief. Ik wist dat ik daarna geen tijd meer ging hebben, dus ineens maakte ik die musical compleet netjes af en zette hem online. Ineens ging dat computerspel drie keer zo snel. Ineens kon ik beter prioriteiten stellen en projecten daadwerkelijk doorzetten.

Tijdens de revalidatie bleef ik mijn vrije tijd op die manier invullen. Ik heb mijn boek netjes afgemaakt en voor het eerst opgestuurd naar uitgeverijen. Ik heb enkele andere projecten eindelijk helemaal afgerond. (Mijn portfoliowebsite, die ik een halfjaar geleden maakte, is nu bijna helemaal ingevuld. Er zijn nog maar iets van vier of vijf projecten waar een soort “coming soon” staat.)

En toen ik net klaar was met de revalidatie? Man, wat was ik productief :p Ik leefde nog volgens het idee dat ik elke week vele verplichtingen had, maar had tegelijkertijd veel vrije tijd, wat ervoor zorgt dat deze heel nuttig wordt ingevuld.

En nu … nu ik dit schrijf is alles weer terug naar af. Ik heb te veel vrije tijd.

Een oplossing?

Hoe lossen we dat op? Door verplichtingen aan te gaan. Geen verplichtingen die energie vreten natuurlijk, geen verplichtingen waarmee je alle motivatie en zin in het leven verliest, maar verplichtingen waarbij ik me goed voel.

Op de revalidatie zeiden ze dat ik misschien moest gaan denken aan, je weet wel, geld verdienen. Ik maak al die leuke projecten, en ze worden steeds beter en beter, maar … veel daarvan komt gratis online, waardoor ik nog geen inkomen heb. (Ook zijn mijn projecten all over the place, waardoor mensen vaak niet weten wat ik nou eigenlijk precies doe. Ik weet het ook niet, dus in dat opzicht wek ik precies de juiste indruk.)

Dus nu ga ik door mijn lijst van ideeën/projecten en zoek welke de meeste commerciële potentie heeft. En als ik de beste kandidaat heb gevonden, stel ik mezelf een doel dat ik deze afmaak, opstuur, en verkocht/uitgegeven krijg. Ik moet hier wel aan werken, want ik heb dat inkomen nodig.

Ook ben ik aan het kijken naar manieren om vaker met vrienden af te spreken, misschien verenigingen waarbij ik kan aansluiten die één of twee avonden in de week innemen. De eerste reactie in mijn lichaam is natuurlijk: ah nee, daar gaat de vrije tijd die ik nodig heb voor mijn eigen projecten, voor mijn kunst en mijn eigen bedrijfje! Maar ik probeer nu een tweede reactie aan te leren: het maakt je vrije tijd juist beter. (En het zou leuk moeten zijn. Je moet natuurlijk niet bij een dansvereniging aansluiten als je het haat om te dansen.)

Want op deze manier — zo heeft mijn onderzoek naar mijn projectenverleden uitgewezen — krijg ik de beste balans in mijn vrije tijd: ik krijg het meeste gedaan, maar werk mezelf niet richting een burn-out.

En dat, is mijn theorie van vrije tijd.

Opmerking: ik zeg dit nu wel heel leuk, maar zo makkelijk is het natuurlijk niet. Ik zat bij de revalidatie vanwege gezondheidsproblemen, en die heb ik nog steeds, en soms valt daar niet echt mee te werken. Dan heb je eindelijk een paar uur voor je projecten, maar heb je ineens geen kracht meer in je armen/handen en kan je ook niet zoveel meer. Of het tegenovergestelde gebeurt: je gaat verplichtingen aan en spreekt af met vrienden, maar dan is je lichaam daarna zó van streek, dat je vrije tijd bestaat uit plat op de vloer liggen. Maar voor de meeste mensen zal dit niet aan de hand zijn, dus dan kan je zoiets makkelijker balanceren.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *