Omdat je nooit weet wanneer je het nodig gaat hebben

Over Klimaatverandering – Deel 2

In het vorige deel heb ik vanuit de basis het probleem van klimaatverandering uitgelegd. In dit deel ga ik specifiek op de meest voorkomende tegenargumenten of twijfels in, en hopelijk kan ik iemand overtuigen. En anders ga ik alleen met een beter gevoel ‘s avonds naar bed.

“De wetenschap heeft het fout”

Ik heb het gevoel dat mensen die dit zeggen niet weten hoe wetenschap werkt. Dat is op zich niet erg — niet iedereen kan veel van wetenschap afweten — maar dan mag je natuurlijk ook niet dit soort uitspraken doen.

Het werkt namelijk als volgt. Een wetenschapper ziet een fenomeen of probleem, en wil dat bestuderen. Ze zetten experimenten op, berekenen van alles, bedenken logische theorieën, et cetera. Uiteindelijk publiceren ze netjes hun bevindingen in een paper, zelfs als hun theorie niet bevestigd is. Dat is namelijk ook nuttige informatie.

Andere wetenschappers kijken naar dat paper, en onderzoeken of het allemaal wel juist is. Ze kijken of nergens een fout is gemaakt, of er geen mening of vooroordeel doorheen komt, of de gebruikte methodes of formules wel juist zijn, en als het echt nodig is kunnen ze zelfs onafhankelijk het experiment reproduceren. Wanneer zo’n paper is nagekeken, heet het peer reviewed. Dan kun je ervan uitgaan dat het helemaal klopt.

Vervolgens bouwen andere wetenschappers weer voort op deze almaar groeiende database van kennis. Zo heeft Newton de formule voor het berekenen van zwaartekracht opgeschreven, iemand anders hem vele jaren later definitief bewezen, en sindsdien is die formule oneindig vaak essentieel geweest in wetenschappelijke onderzoeken.

Voorbeeld! Een grappig voorbeeld uit de wiskunde. Je hebt een hele simpele formule — de laatste stelling van Fermat — die nooit bewezen was. Één wiskundige heeft zijn hele leven gewijd aan een probleem, en uiteindelijk had hij hem opgelost. Toen de rest van de wereld mee ging kijken, echter, bleek er één foutje in zijn verslag te zitten. Vervolgens heeft hij nog een jaar doorgewerkt, en dat foutje eruit gehaald, en nu is de stelling definitief bewezen. We zijn blij!

De wetenschap is gebaseerd op hele, hele strenge regels en principes. Er is geen ruimte voor fouten. Als een onderzoek een fout maakt, komt het daar niet mee weg, en moet het deze er natuurlijk uit halen voordat het wordt geaccepteerd als waarheid.

Dus, zomaar zeggen dat alle onderzoeken niet kloppen en ons voor de gek willen houden, slaat nergens op. Dezelfde regels die onderzoek naar klimaat mogelijk maken, zijn ook gebruikt voor onderzoek naar energie, technologie, en alle andere wetenschappelijke uitvindingen. En ik hoor niemand zeggen dat ze weigeren internet of computers te gebruiken omdat ze wetenschappers niet vertrouwen.

“Die hele wetenschap is één groot complot”

Oké, je kunt dat natuurlijk zeggen. Je kunt zeggen dat alle wetenschappers als complot maar doen alsof ze elkaar controleren en juiste resultaten presenteren.

Maar dan moet je jezelf afvragen: waarom zouden wetenschappers de wereld voor de gek te houden? Wat halen ze eruit? De meest voorkomende antwoorden zijn: geld en macht.

  • Als een wetenschapper meer geld had willen verdienen, had hij veel makkelijker een ander pad kunnen kiezen. De olie-industrie, bijvoorbeeld, betaalt zeer goed uit. Of de technologie-industrie, die dikwijls meer geeft om geld dan milieuvriendelijk te werk gaan. Als een wetenschapper juist onderzoek doet tegen die industrieën, is deze alles behalve geïnteresseerd in geld. Ze zouden wel héél erg veel geld van de overheid moeten vragen (voor onderzoek) om dit verschil te overbruggen. Maar dat vragen ze niet eens — ze vragen vooral dat de overheid actie onderneemt.
  • Als een wetenschapper meer macht had willen hebben, waren ze wel de politiek in gegaan, of bij een bedrijf gaan werken. Het feit dat de overheid de keuze heeft om de wetenschappers en hun adviezen te negeren, betekent dat de wetenschappers echt geen macht hebben. Wie hebben wel macht? Je raadt het al: de bedrijven. Die kunnen geld en steun aanbieden aan politici, en daarmee hun eigen wensen doordrukken.

Dus nee, wetenschappers hebben geen egoïstische, kwaadaardige motieven.

“Er is geen wetenschappelijke consensus”

Ten eerste: consensus is niet echt een wetenschappelijk fenomeen. Als een onderzoek iets correct aantoont, dan is datgene waar, ongeacht wat mensen ervan vinden en of iedereen het er wel mee eens is.

Wat mensen dan ook bedoelen, als ze dit zeggen, is dat niet alle onderzoeken hetzelfde zeggen. Er zijn bijvoorbeeld onderzoeken die verschillende scenario’s presenteren, waarvan er natuurlijk maar ééntje echt kan uitkomen. Of onderzoeken die later onjuist zijn verklaard omdat over de jaren nieuwe factoren en data aan het licht kwamen. Of onderzoeken die niet gaan over of klimaatverandering gebeurd, maar of het de schuld van de mensen is.

Maar, zoals eerder gezegd, al deze onderzoeken zeggen in de kern hetzelfde: de aarde warmt onnatuurlijk snel op, en dat gaat gevolgen hebben.

Er is geen enkel onderzoek dat zegt dat de aarde juist afkoelt, of dat deze opwarming statistisch gezien normaal is, omdat het met enkele simpele metingen te ontkrachten is. Er is geen enkel model dat aangeeft dat een opwarming van de aarde totaal geen effecten heeft op het klimaat.

Het enige waar dus geen “consensus” over is, zijn de precieze gevolgen en in hoeverre verschillende factoren (uitstoot CO2, natuurlijke fluctuaties, etc.) meespelen. Heel veel verschillende scenario’s zijn gepresenteerd. Maar er is geen enkel scenario waarin alles op magische wijze weer goed komt, zelfs als de uitkomst van het onderzoek is dat mensen maar een geringe invloed hebben.

“Extreme weersomstandigheden zijn normaal/toeval”

Deze is wel interessant. Het stelt namelijk de vraag: wanneer is een afwijking in de data geen toeval meer?

Voorbeeld! Veel mensen herinneren zich misschien nog een grote nieuwsreportage over het ontdekken van het “Higgs-deeltje”. Oftewel, het deeltje dat massa geeft aan alles. Dit deeltje is onzichtbaar en onvindbaar. Ze hebben het dus ook niet ontdekt door voorwerpen met massa onder de microscoop te leggen.

Nee, in plaats daarvan hebben ze in de LHC (Large Hadron Collider) deeltjes tegen elkaar laten knallen op hoge snelheid, en gemeten welke energieën/deeltjes uit die explosie kwamen. Daaruit maten ze het bestaan van een nieuw deeltje, maar ze konden natuurlijk niet zeker zijn. Het kon toeval zijn. Het kon een compleet ander deeltje zijn. Dus, toen hebben ze dit experiment ongelofelijk vaak herhaalt, totdat de kans dat ze fout zaten zo klein was, dat ze het wel goed moesten hebben.

Oftewel, in de natuurkunde hebben ze een bepaald kanspercentage wat ze zien als zekerheid. Als hun onzekerheid zo klein is, kunnen ze zeggen dat ze iets hebben bewezen. (Dit getal is overigens wel ongelofelijk klein, zoals je misschien al had verwacht.)

Voorbeeld! In de statistiek werkt men doorgaans ook met “confidence intervals”. Dit geeft een interval waarbinnen een bepaalde waarde valt, met X% zekerheid. Bijvoorbeeld, je stelt een formule op voor de relatie tussen CO2 en zeespiegel, en je rekent uit dat een van de factoren met 95% kans tussen 2 en 3 ligt. Heel veel technologie werkt op basis van deze intervallen. (Vaak neemt men iets van 95% of 97,5% kans.)

Hetzelfde zou je kunnen toepassen op de data omtrent klimaatverandering. De afgelopen jaren zijn extreme weersomstandigheden extremer geworden, en vaker voorgekomen. Dit is een feit. De trend gaat omhoog en lijkt vooralsnog niet te stoppen. Hier weer een mooie grafiek voor de precieze nummers:

Natuurrampen en hun oorzaak

Dit ziet er natuurlijk niet goed uit. Van 1980 tot nu is het aantal globale natuurrampen meer dan verdrievoudigd. De kans dat dit toevallig gebeurd is erg klein. Het getal fluctueert natuurlijk, maar dit laat zien dat het aantal natuurrampen al enkele decennia sterk stijgt.

Wat wij ons moeten afvragen is: wat heeft meer gewicht? De kans dat deze toename toeval is en weer zal afnemen, of de kans dat dit géén toeval is en de aarde een rampkoers heeft ingezet? (Ik weet dat het “ramkoers” is, maar ik vond dit een leuke woordspeling.)

“Met X en Y gaat het juist steeds beter!”

Jazeker, er zitten natuurlijk ook voordelen aan klimaatverandering. Sommige dieren hebben andere/grotere gebieden om te leven. Gebieden met een hard klimaat worden ineens een goede plek voor vegetatie. Ook sterven op dit moment veel meer mensen van de enorme kou in de winter, dan van extreme temperaturen in de zomer, en die mensen zouden nu deels gered worden. Zelfs het verdwijnen van ijs kan je als een voordeel zien, omdat dit bepaalde kortere routes mogelijk maakt voor schepen.

Maar deze voordelen wegen niet op tegen de nadelen.

(En, door deze voordelen aan te wijzen, bewijs je natuurlijk het punt dat klimaatverandering écht aan de gang is. Je kunt niet zeggen dat klimaatverandering niet bestaat, omdat X en Y door klimaatverandering beter gaan. Dat zou een rare uitspraak zijn.)

Op de korte termijn zijn er wel meer voordelen, natuurlijk. Er zijn onderzoeken gedaan naar specifiek de voordelen tegen de nadelen, en die zeggen dat de komende tientallen jaren de voordelen het zullen winnen. Maar daarna niet meer. (De meest optimistische schatting is rond 2080.) Daarna winnen de nadelen aanzienlijk, en is het waarschijnlijk al te laat om het nog te stoppen of af te remmen. Als de aarde eenmaal gemiddeld 3 graden warmer is dan zou moeten, moet er wel héél veel CO2 in de lucht zitten, en is er al veel gebeurd dat niet meer terug te draaien is.

Dus inderdaad, voor de meeste mensen is het persoonlijk gezien heel handig om klimaatverandering te ontkennen of bestrijden. Zij hebben inderdaad vooral de voordelen. Maar voor de komende generaties, voor hun of andermans kinderen, is het verschrikkelijk.

“Het is helemaal niet zo erg als was voorspeld”

Klopt. De allereerste onderzoeken namen slechts enkele factoren mee (vooral CO2-uitstoot), en voorspelden nu al veel heftigere gebeurtenissen. (Denk aan die film “2012” met compleet bevroren steden enzo.) Daarna kwamen onderzoeken die meer factoren meenamen, en naar andere gevolgen keken (zoals de stijgende zeespiegel), en die zaten er aan beide kanten naast — sommige voorspelden te hoog, andere juist te laag.

Maar, over tijd, komt elk nieuw onderzoek dichterbij de realiteit. De voorspellingen die nu worden gedaan zijn reëel, en worden vooralsnog gehaald. (Die voorspellingen liggen vaak in de toekomst, zoals 2030 of 2050, maar als de huidige trends zich doorzetten worden die voorspellingen waarheid.)

Daarnaast begrijpt men nu veel natuurlijke fenomenen beter. Men weet dat de opwarming van de aarde een vertraging heeft. CO2 die nu de lucht in gaat, heeft slechts een klein direct effect, maar komt over jaren pas met de echte klap. Dus, hoewel de aarde nu nog niet op een onomkeerbaar tempo opwarmt, zal dit elk jaar sneller en sneller gaan, als een sneeuwbal die steeds sneller en sneller van een helling afrolt.

Waarom zit die vertraging erin? Omdat die vertraging overal in de natuur zit. Het voorkomt namelijk dat iets uit balans wordt gehaald. Als de natuur meteen in extremis zou reageren op alles, kregen planten en dieren geen tijd om zich aan te passen. Dan waren die cycli in de natuur (waar ik het in het vorige deel over had) niet mogelijk. Dan zou bij het eerste beetje sneeuw meteen de hele wereld compleet afkoelen en tot het eind der tijden in sneeuw gedompeld blijven. Dan zouden bij de eerste zomerse dag meteen alle oceanen opdrogen.

Vergelijk het met een plantje. Als jij met je vinger de stengel een beetje opzij duwt, en dan loslaat, slingert deze stengel geleidelijk terug. Hij trilt steeds langzamer heen en weer, totdat hij weer stond zoals hij eerst stond. Het plantje schiet niet direct terug naar zijn vorige positie. Het plantje blijft ook niet zo scheef staan als jij hem hebt geduwd. Echter, als jij de stengel te ver opzij duwt, knakt hij en komt nooit meer terug.

Dit zien we nu al. Hoewel het CO2-gehalte in een redelijk rechte lijn stijgt, stijgt de temperatuur exponentieel (dus niet in een rechte lijn, maar steeds sneller). Dus inderdaad, het lijkt nu misschien alsof voorspellingen er compleet naast zitten, maar over 5 of 10 jaar kan men dat waarschijnlijk niet meer beweren.

“Er zijn veel meer urgente, belangrijke problemen”

Natuurlijk. Er zijn altijd veel problemen. De mogelijkheid van (kern)oorlog, overpopulatie, veel te dure gezondheidszorg, werkeloosheid, een instortende economie, noem het maar op.

Ik zeg ook niet dat het ene probleem belangrijker is dan het andere. Afhankelijk van de tijd, van de situatie, moet de meeste aandacht uitgaan naar het meest urgente en gevaarlijke probleem. Als ons land bijna in oorlog raakt met een ander land, ga ik niet zeggen dat ze alles stil moeten leggen om te debatteren over het klimaat.

Echter, vooralsnog is het klimaat wel degelijk een van de meest urgente en gevaarlijke problemen. Het tijdsbestek om verandering aan te brengen is enkele decennia, de gevolgen van geen actie ondernemen betekenen op z’n minst het einde van Nederland. (Onze dijken kunnen veel, maar al dat water tegenhouden?)

Het enige wat de meesten vragen zijn kleine stappen in de juiste richting. Niemand zegt dat we van vandaag op morgen alle CO2-uitstoot moeten verbieden, en dat vannacht nog iedereen een paar zonnepanelen moet installeren, en dat je voortaan een stroomstoot krijgt als je langer dan 5 minuten doucht.

Maar de stappen moeten wel worden gezet, want daar is dit probleem belangrijk genoeg voor. Op dezelfde manier als de politiek steeds kleine stappen zet om werkeloosheid te verminderen, of onderwijs/gezondheidszorg beter en goedkoper te maken. Ze zouden best ineens al hun budget erop kunnen gooien en iedereen gratis onderwijs en gezondheidszorg geven, maar dat is niet bepaald slim, en datzelfde verwacht ook niemand voor het klimaatprobleem.

“Planten en dieren passen zich wel aan — dat is evolutie!”

Dat is niet hoe evolutie werkt. Evolutie werkt heel héél langzaam, en is helemaal gebaseerd op natuurlijke selectie.

Wat is natuurlijke selectie? Eens in de zoveel tijd wordt een kind geboren waarmee iets mis is. Het DNA van het kind heeft een foutje gemaakt — een mutatie ondergaan — en is dus anders dan zou moeten. Deze mutatie kan goed of slecht zijn.

  • Als de mutatie slecht is (bijvoorbeeld, het hart werkt niet goed), dan is de kans groot dat het kind sterft zonder voort te planten. Dus, deze mutatie verdwijnt weer. 
  • Als de mutatie goed is (bijvoorbeeld, iemand heeft grotere hersenen), dan is de kans groot dat deze makkelijk een partner vindt en zich rijkelijk voortplant. De mutatie komt steeds meer voor in de populatie, totdat alle kinderen geboren worden met deze mutatie, en dan is de soort geëvolueerd.

Dat is hoe evolutie werkt. Het betekent niet “dieren merken dat het warmer wordt, en hun DNA past zich meteen automatisch aan!” Dat zou betekenen dat alle organismen kunnen toveren en nooit meer doodgaan.

Doordat evolutie voortkomt uit zeldzame fouten in het DNA, duurt het heel erg lang voordat een soort is geëvolueerd. (Het voelt toch steeds alsof ik praat over Pokémon. Terwijl ik het heel serieus bedoel.)

Het klimaat verandert té snel voor dieren om aan te passen.

Voorbeeld! We zien het nu al aan koraal dat afsterft. Koraal heeft hele specifieke temperatuurintervallen nodig om te groeien, en nu de temperaturen extremer worden, is de kans groot dat koraal buiten dit interval valt, en dus afsterft. De enige manier waarop zo’n soort zou kunnen overleven, is als toevallig een nieuw koraaltje ontstaat die tegen deze extreme temperaturen kan, voordat de hele soort is uitgestorven.

“Huidige maatregelen zijn meer schadelijk dan goed”

Ja, dat is deels waar en deels niet. Het is daarnaast de vraag of het relevant is, want iedereen die iets wil veranderen zal mensen teleurstellen en even door de zure appel heen moeten bijten.

Hier een aantal veelvoorkomende punten:

  • Het kost veel geld, ruimte en initiatief om onze energiebronnen te vervangen (door duurzame energiebronnen).
  • Fabrieken sluiten zorgt dat veel arbeiders (vaak zonder hoge opleiding) hun baan verliezen.
  • Er wordt geëxperimenteerd met bio-brandstof, maar dat zorgt juist voor grotere tekorten van de voedselvoorraad, of grotere ontbossing.
  • Daken bedekken met zonnepanelen, en windmolens plaatsen, heeft een effect op dieren en planten. (En dan vooral vogels.)
  • Ons land wordt veel minder aantrekkelijk voor bepaalde grote bedrijven of industrieën.
  • We zijn rijk geworden van gaswinning. (Maar dit is een heel ander probleem; de aardbevingen in Groningen zouden meer dan genoeg moeten zijn om dit meteen plat te leggen.)

Meerdere onderzoeken hebben aangetoond dat er meer werk is in de industrie van duurzame energie, en dat het — eenmaal in werking — meer geld oplevert.

Het probleem is dan ook vooral dat de eerste investeringen gecompenseerd moeten worden. We gaan inderdaad bepaalde stromen van inkomsten verliezen, terwijl er veel geld moet worden gestoken in o.a. windmolens en zonnepanelen.

Ik weet niet hoe dit het beste kan; ik heb hier niet alle verstand van. Een accijns op CO2-uitstoot lijkt het meest logisch, aangezien het heel veel geld inbrengt, en mensen meteen minder CO2 uitstoten. Anderzijds betekent het ook veel extra kosten voor mensen die het niet kunnen ophoesten.

Alle inwoners van Nederland aanbieden om zonnepanelen te plaatsen lijkt logisch, maar iemand moet dat gaan betalen, en niet alle daken zijn geschikt. (Daarnaast zullen veel mensen het niet willen, omdat ze het gedoe vinden, of het verpest het uiterlijk van hun huis. Dan heb je weer de vraag of je dit als overheid kunt forceren of niet.)

Arbeiders kunnen worden omgeschoold, maar dat moet weer iemand gaan betalen. En, zolang die extra banen in de duurzame energie sector er nog niet zijn, zijn die arbeiders alsnog werkloos, wat een soort van race creëert om wel snel genoeg over te stappen.

Dus deze weet ik ook niet. Ik hoop vooral dat de politiek er eens hard over na gaat denken en actie onderneemt. (Nou hoop ik veel dingen van de politiek, wat ze vrijwel nooit waarmaken. Zo snap ik ook niet hoe de politiek zo gevoelig is voor het lobbyen van grote bedrijven. Je zou bijna denken dat politici helemaal niet zelf kunnen nadenken, en niet geïnteresseerd zijn in het land leiden en verbeteren. Je zou het bijna denken.)

“Het komt door de zon (of andere dingen (in de ruimte))”

Hieronder vang ik alle overgebleven argumenten. Een greep hieruit:

  • Maar het komt omdat de zon warmer is!
  • Maar het komt omdat de baan van de aarde om de zon is veranderd!
  • Maar het komt door straling (vanuit de ruimte, of van onszelf)!
  • Maar het komt omdat het in de kern van de aarde warmer wordt!
  • Maar het komt door vulkanen/scheten van koeien/dieren die te veel uitademen/etc.!
  • Maar het komt door de immigranten en/of terroristen!
    • (Meerdere zeiden dit serieus. Gevolgd door een uitleg over hoe immigranten veel grondstof verbranden terwijl ze naar andere continenten reizen, of hoe de explosieven van terroristen meer CO2 in de lucht pompen.)

Deze zijn allemaal niet waar. Er valt niet veel meer over te zeggen. Als je bijvoorbeeld temperaturen van de zon opzoekt, zie je dat deze inderdaad kan variëren, maar dat we nu juist op een minimum zitten van de afgelopen 100 jaar.

Conclusie

Het is ook een lastig probleem. Er zitten heel veel facetten aan, en niet alles is op dit moment duidelijk. Maar het is wel duidelijk dat er iets aan de hand is en dat er iets moet gebeuren.

Dus daar gaat het volgende deel over.

Over Klimaatverandering – Deel 3

 

Er zijn (nog) geen reacties.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.