Omdat je nooit weet wanneer je het nodig gaat hebben

Over Opvoeding

Ik heb een probleem ontdekt (en zelf ondervonden) in onze huidige samenleving.

Dat probleem heet ongelijke opvoeding.

Het gemiddelde kind is zo’n twintig jaar behoorlijk vaak bij zijn ouders. Voordat ze een dwarse puber worden zijn ze vrijwel altijd bij hun ouders, terwijl ze in de periode daarna zichzelf langzaamaan losweken van hun ouderlijk huis. (Velen met weinig succes overigens, zeker nu kamers en het algehele studentenleven nog duurder zijn geworden.)

Oftewel, een kwart van je leven sta je bijna geheel onder de invloed en zorg van je ouders. Jouw thuissituatie, jouw opvoeding, bepaalt voor een groot deel wie je bent en wie je wordt. Sterker nog, deze jonge jaren zijn degene waarin je het meeste groeit en ontwikkelt, en waarin je dus het meeste kan overnemen (of juist niet).

Je zou denken dat deze tijd nuttig wordt besteed. Dat ouderen een goed doordacht plan hebben waarmee ze hun kinderen de kans geven zich te ontwikkelen en voorbereiden op hun toekomst.

Tot mijn grote ergernis (of misschien eerder “droefenis”) gebeurt dit niet.

Ik ken nauwelijks ouders die echt een “plan” hebben voor hun opvoeding. Die consistent zijn, die logische keuzes maken (of hebben gemaakt voordat ze hun eerste kind kregen), die écht veel bezig zijn met de opvoeding. En de gevolgen van deze instelling zijn te merken. (Misschien ken ik niet genoeg ouders, dat is natuurlijk ook een optie. Maar ik betwijfel het.)

Opmerking: dit artikel heette eerst jarenlang “ongelijke opvoeding” en bevatte een tiental voorbeelden van ongelijke opvoeding. Dit kwam, echter, wat zeurderig over (“kijk mij zielig zijn”). Dus ik heb het herschreven tot een (hopelijk) sterker stuk met daarin een veel duidelijkere probleemstelling en mogelijke oplossingen.

Een voorbeeld: computeren

Laten een voorbeeld erbij pakken – een zeer actueel voorbeeld. Stel jij hebt een kind en je hebt een computer. Jouw kind zit de hele dag achter de computer te gamen, YouTube filmpjes te kijken, en in het algemeen niet geheel nuttige dingen te doen. Hoe zou je hierop reageren?

  1. Niet.
  2. Laat hem lekker joh, het is belangrijk dat kinderen ontspannen en computervaardigheden aanleren!
  3. Willekeurige restricties zetten op de tijd die hij achter het beeldscherm zit. Bijvoorbeeld: maximaal twee uur per dag.
  4. Met je kind praten over de voordelen en nadelen van veel achter de computer zitten.
  5. Onderzoek doen naar goede computergewoontes en die vervolgens handhaven.
  6. Iets anders – ik hoor graag jouw eigen oplossing in de reacties!

Vrijwel alle ouders die ik ken hebben gekozen voor optie A, vaak met het argument van optie B. Zoals je al verwacht vind ik dit onbegrijpelijk.

Ze maken het zelfs nog erger: ze geven hun kind op hun zesde een iPhone en hebben een iPad door het huis slingeren om daar tegelijkertijd ook nog dingen op te doen.

We hebben het hier over de ontwikkeling van je kind. Al het onderzoek dat ooit is gedaan wijst erop dat kinderen in deze levensfase heel veel moeten bewegen en ook het beste (nieuwe dingen) kunnen leren. Ze zijn het meest vatbaar, het meest energiek, het meest gezond, en de gewoontes die ze hier krijgen nemen ze hun hele leven mee. (Bijvoorbeeld: mensen die tot hun twintigste veel hebben gesport, blijven dat vrijwel altijd de rest van hun leven doen.)

Als je kind gewend is om al z’n tijd te spenderen met filmpjes aanzetten op drie apparaten tegelijkertijd, dan ben je – ik zeg het maar even bot – de toekomst van je eigen kind aan het verpesten.

Waarom denken ouders hier niet meer over na? Waarom zijn ze hier niet mee bezig? Het is hun kind, hun verantwoordelijkheid, en (meestal) hebben ouders ook echt wel een grote liefde en zorg voor hun kinderen.

Elk van de andere opties zou al een stap in de juiste richting zijn. Ik heb ooit een paar dagen onderzoek gedaan naar de gevolgen van (overmatig) schermgebruik en dat heeft mijn blik op dit probleem echt compleet veranderd. Als mijn ouders (of iemand) dat tegen mij had gezegd toen ik jong was, had ik andere en gezondere keuzes gemaakt.

Bijvoorbeeld: steeds meer kinderen moeten al op hele jonge leeftijd een bril. Waarom? Omdat ze op veel te jonge leeftijd al de hele dag naar schermen staren en binnen blijven. Je moet naar buiten, je moet je blikvelden afwisselen, om je ogen te trainen en scherp te houden.

Maar waarom is dit een probleem?

Nu kun je denken: beste Tiamo, jij hebt niet eens kinderen, waarover maak je je druk? Laat mensen lekker hun eigen kinderen verpesten als ze willen!

Het probleem is – het woord samenleving zegt het al – dat we samen in een maatschappij leven. Ik heb te maken met andermans kinderen. Mijn leven kan er misschien zelfs een keer van af gaan hangen. Ik wil niet dat ik op de operatietafel lig voor een ingrijpende operatie en dat mijn chirurg niet langer dan tien seconden zijn aandacht ergens bij kan houden, omdat hij van jongs af aan niets anders gewend is. Ik wil niet superhard hoeven zoeken om iemand te vinden waarmee ik een normaal gesprek kan houden, in plaats van dat diegene onverstaanbaar praat of überhaupt bang is om in het echt met mensen te praten.

Ja, dit is enigszins egoïstisch. En het wordt nog egoïstischer.

Ik heb zelf niet de meest gelijke opvoeding gehad. Daar heb ik toentertijd héél veel last van gehad en daar heb ik nu nog steeds last van. Mij was een grote berg pijn en problemen bespaard gebleven als de “opvoedingsstandaard” simpelweg wat hoger had gelegen. Als er meer (betrouwbare) kennis beschikbaar was over opvoeden en als ouders ook véél meer werden aangespoord daarvan gebruik te maken.

(Ik zal er verder niet te veel over zeggen, want dan wordt dit artikel té egoïstisch :p Maar als je dit blog al langer leest zal je hier en daar weten waarover ik praat.)

Zo makkelijk is het niet

Ik hoop dat inmiddels duidelijk is waar het probleem zit (ouders die niet of nauwelijks nadenken over de opvoeding van hun kinderen) en waarom het een probleem is (het beschadigt de kinderen en levert hen en de gehele maatschappij een achterstand op).

Maar natuurlijk is het niet zo zwart-wit.

Ten eerste is het juist mooi dat ouders op verschillende manieren opvoeden: daardoor is ieder mens uniek en kan de opvoeding worden aangepast op de individuen.

Ten tweede zijn wetenschappelijke artikelen en theoretische “best practices” hartstikke leuk, maar de praktijk is anders. Ouders zijn druk en gestrest. Kinderen luisteren niet of zien geen rede. Pubers zijn al helemaal onvoorspelbaar, ik weet het allemaal.

Laten we het voorbeeld van net erbij pakken. Jij bent even met je kind gaan zitten, hebt de voordelen/nadelen van computergebruik uitgelegd, en besloten dat je kind maximaal een uurtje iets leuks mag doen elke dag.

Je kind wordt boos en luistert niet. Hij blijft gewoon veel te lang achter het scherm zitten en zegt “nanananananaaa” als je logisch op hem probeert in te praten.

Wat doe je dan?

  1. Je wordt zelf ook kwaad en gaat met dingen gooien.
  2. Je laat het gaan – het is de moeite niet en zo erg is het ook weer niet.
  3. Je zegt “oké, dan mag je helemaal niet meer achter de computer” en houdt je daaraan.
  4. Je koopt überhaupt geen tablet/smartphone/computer voor je (jonge) kind
  5. Je bedenkt een ander systeem. Bijvoorbeeld: “de computer in de kamer mag je alleen samen op spelen” Zo zitten je kinderen misschien te veel achter de computer, maar ze brengen tenminste gezamenlijk tijd door.
  6. Iets anders?

Wederom, de meeste ouders kiezen optie A of B. (Minus dat deel van “met dingen gooien” natuurlijk, dat is alleen voor een kleine groep ouders met een groot temperament.)

Dat is geen opvoeding. Dat is niet eens echt een keuze of poging tot ontwikkeling. Het is handelen in extremen: of altijd boos en commanderend, of jezelf wegcijferen en je vooral nergens mee bemoeien.

Eén van de dingen die ik wél goed vond aan mijn opvoeding, is dat mijn ouders mijn computertijd strak hebben gelimiteerd. Ik mocht een halfuur per dag, in het weekend een uurtje. En als iemand anders de computer nu had: jammer dan. Natuurlijk was ik hier als kind eventjes pissig over, maar uiteindelijk heeft dit ervoor gezorgd dat ik een gezond kind ben geweest. Ik speelde veel buiten, wist mezelf te vermaken, ontwikkelde andere interesses, en zat niet te veel achter een scherm.

Het is iets heel kleins. Een simpele keuze: “we gaan dit en dit doen, om die en die reden” Tegenspraak mag, maar uiteindelijk bepalen de ouders de lijn. (Hierover dadelijk meer)

Maar zoiets kleins heeft vaak hele grote positieve gevolgen. En andersom, een kleine nalatigheid in de opvoeding kan hele grote negatieve gevolgen hebben.

Mijn filosofie

Zoals je merkt heb ik hierover uitvoerig nagedacht en geanalyseerd. Terwijl ik dit schrijf woon ik nog steeds thuis, wat voordelen heeft (ik heb extra lang opvoeding en gezinssituaties kunnen bestuderen) maar ook nadelen (ik kan misschien partijdig of emotioneel zijn).

Dit is de filosofie die ik heb ontwikkeld.

Je hoeft het er niet mee eens te zijn. Niet iedereen hoeft dit over te nemen. Maar het is onderbouwd, het werkt, en het zou sowieso een verbetering zijn ten opzichte van “we doen maar wat”, “we doen niks” of “we veranderen constant onze regels en opvoeding”.

Kijk, tot je achttiende zijn je ouders letterlijk en figuurlijk voor jou verantwoordelijk. Doe jij iets stoms? Ouders krijgen de schuld. Maak je iets kapot? Ouders moeten het betalen. Je onderdak, voedsel, bed, alles komt van je ouders. Dit gebeurt grotendeels uit liefde, hoewel ouders natuurlijk ook wettelijk gezien aansprakelijk zijn voor hun kinderen.

Regel 1

Dus de eerste regel is: erken dit, leg dit uit, en handhaaf de gevolgen. Als jij een computer in huis hebt staan, moet het niet “vanzelfsprekend” zijn dat je kind daar de hele dag op zit. Nee, jij hebt de computer gekocht, dus jij bepaalt 100% hoe hij wordt gebruikt. Als je kind niet naar school wilt, leg je uit dat jij dan hele boze politie krijgt en misschien dure boetes moet betalen. Jij verleent in zekere zin een dienst voor je kinderen, en jij bepaalt dus de regels van die dienst.

Regel 2

Klinkt misschien koud of afstandelijk, ik weet het. Maar daarom komen we nu bij regel twee: sta toe dat je kinderen over alles iets kunnen zeggen, maar jij bent de eindbaas. Om ongeveer dezelfde reden als hierboven ben jij degene die uiteindelijk de lijn trekt. Je kinderen mogen je tegenspreken, hun eigen argumenten aanvoeren, en het is aan jou – als ouder – om hier echt naar te luisteren het echt te overwegen.

Wees bereid om op verrassende momenten eruit te worden gedebatteerd door je eigen kind.

Dit betekent ook dat je uitlegt (en onderbouwd) waarom je kind iets wel of niet moet doen. Als iemand weet wat het doel of het nut is, is het veel waarschijnlijker dat diegene luistert of zelfs inzet toont.

Je gaat fouten maken. Je gaat regels invoeren die achteraf te streng zijn. Je gaat je kind soms dingen ontzeggen waar hij eigenlijk wel recht op had. Maar dat hoort erbij. Voor die paar foutjes omdat jij de uiteindelijke baas bent, krijg je een werkende opvoeding terug.

Nog belangrijker: je kind leert zo om logisch na te denken. Je kind leert dat diens mening en intelligentie daadwerkelijk wordt gewaardeerd, dat ernaar wordt geluisterd, en dat hij dingen kan veranderen. Je kind wordt zelfverzekerd, leert voor zichzelf denken, leert voor zichzelf (en anderen) opkomen.

Regel 3

En dan komt nu regel 3: geluk => gezondheid => ontwikkeling => de rest. In die volgorde.

  • Als je kind zich vrij en ontspannen voelt, gaan alle andere dingen makkelijker.
  • Als je kind gezond is, gaan alle andere dingen makkelijker.
  • Zolang je kind zich ontwikkelt, is er altijd vooruitgang en wordt diens toekomst alleen maar beter.
  • Alle andere dingen komen later.

Zoals je misschien is opgevallen, noem ik hier geen dingen zoals onderwijs/school. Dat komt omdat ik ontwikkeling belangrijk vind, en ons onderwijssysteem is in grote mate inadequaat of zelfs schadelijk voor onze ontwikkeling.

Nogmaals nodig ik ouders uit om hier écht over na te denken en onderzoek naar te doen. Hoeveel van de dingen die je leert op school heb je écht nodig? Wat is beter om te doen: nog twee uur achter je bureau topografie in je hoofd stampen, of een uurtje sporten en een uur met je gezin doorbrengen? Hoe belangrijk is het om overal hele goede cijfers voor te halen?

Nee, zo werkt ontwikkeling niet. Je ontwikkelt je door dingen te doen. Door dingen uit te zoeken omdat je ze nodig hebt of denkt nodig te hebben (oftewel: je vindt ze interessant). Spoor je kinderen aan om te experimenteren, om eigen projectjes te hebben, om zich te vervelen en uit die verveling ineens zichzelf piano te leren spelen. Plan dingen in met je kinderen: elke donderdagavond is het spellenavond, elke zaterdagmiddag gaan we samen voetballen op een grasveldje in de buurt.

Zo zorg je dat kinderen zich ontwikkelen, dat ze gezond zijn en dat ze gelukkig blijven.

Ja, dan halen ze maar niet al te beste cijfers. Dan wordt school maar boos omdat je kinderen hun huiswerk niet hebben gemaakt. Dan betaal je even het prijskaartje voor je kinderen die tijdens hun experiment per ongeluk véél te veel inkt en papier hebben verspild.

Vraag jezelf bij alles af: helpt dit met het geluk, gezondheid of ontwikkeling van mijn kind? Zo niet, dan hoort het bij de afvalbak die de “rest” heet, en besteed je er zo min mogelijk tijd en energie aan.

Opmerking: iets wat ik was vergeten te noemen, is dat ouders natuurlijk het grootste voorbeeld zijn van hun kinderen. Ik snap het nooit als ouders zelf allerlei slechte gewoontes tentoonspreiden, en vervolgens boos worden als hun kinderen precies diezelfde dingen doen. Als je wilt dat je kinderen gezond eten, moet je niet zelf steeds een zak chips kopen en ’s avonds op de bank leegvreten. (In plaats daarvan … moet je het natuurlijk delen met je kinderen! Lekker laat opblijven, chips eten, Netflixen, gezonder kan het niet.)

Conclusie

Politici vinden het leuk om het gezin de “hoeksteen van de samenleving” te noemen. Het wordt tijd dat ze dit daadwerkelijk uitdragen.

Er moet een veel grotere focus worden gelegd op opvoeding. Er zou veel betere informatie beschikbaar moeten zijn, makkelijker te vinden en toe te passen, en misschien moet er wel iets van controle op komen. Al is het maar zoiets simpels als: alle aanstaande ouders moeten een opvoedcursus doen.

En dan niet zo’n flauwe cursus waarin een oud dametje een aantal punten van een PowerPoint voorleest, iedereen een verklaring van goed gedrag invult, en klaar is kees.

Maar een fatsoenlijke cursus waarin iemand voor de klas staat en vraagt: “stel dit en dit gebeurt, wat doe je dan?” En dingen als “bespreek met je partner de drie belangrijkste regels/principes die je in jouw opvoeding wil toepassen”

Een cursus waarin je leert om met emoties om te gaan (van jezelf en van je kinderen). Een cursus waarin je leert om met problemen om te gaan zonder het op te geven of de schuld bij je kinderen te leggen. Een cursus die je vertelt dat je kinderen kan opvoeden zonder ooit naar hen te schreeuwen of hard te straffen. En vooral een cursus die vertelt dat je nooit klaar bent met leren opvoeden. Zelfs als je kind zestien is en bijna vertrekt kun je nog dingen leren, kun je nog verbeteren, kun je nog net wat beter met situaties omgaan.

Ik denk niet dat ouders dit lezen. En al helemaal niet dat ze denken: “ja goed idee, ik ga zo’n cursus zelf opzetten en in het proces meteen mijn hele wereldbeeld veranderen!”

Maar ik zou willen dat het zo was. Misschien ben ik ooit bereid om zoiets te doen, of iets anders voor elkaar te krijgen om opvoeding op een gelijk en hoog niveau te krijgen. Maar juist dankzij mijn opvoeding, of gebrek daaraan, weet ik niet of ik ooit nog in een gezinssituatie terecht wil komen. Juist dankzij jaren waarin alles wat ik zei werd genegeerd en ik voor gek werd uitgemaakt, heb ik niet het idee dat ik de juiste persoon ben om zo’n cursus te geven of mensen hierin te helpen.

En dat stemt mij droevig, aangezien ik bij mezelf merk dat ik gezin en kinderen altijd hoog op mijn prioriteitenlijstje heb staan. Terwijl steeds meer mensen om me heen dapper zeiden “ik wil nooit kinderen!” en “ik ga nooit trouwen!”, voel ik eigenlijk al sinds mijn tienerjaren dat ik gewoon een lieve vriendin wil vinden en ook een groot gezin wil beginnen (zoals het gezin waaruit ik kom).

Het zou toch mooi zijn, als we kinderen niet zouden afbreken, maar zouden opbouwen.

P.S. Mocht je toch nog die tientallen voorbeelden willen lezen van ongelijke opvoeding, zeg het maar. Dan schrijf ik daar een keer een goed artikel over.

Er zijn (nog) geen reacties.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *